Mooi Oman – dag 1

Eigenlijk was het nog maar half vier in de ochtend natuurlijk. Voor onze Nederlandse begrippen dan, met het tijdsverschil van drie uur tussen daar en hier, en eigenlijk vond mijn lijf dat ook, want ik merkte dat iets in mij duidelijk kreunde dat het nog lang geen tijd was om wakker te worden, zeker na de reis gisteren.

Dat was me wat trouwens. Die reis. Er zijn wel eens mensen die zeggen dat ze het een hele opgaaf vinden om met kinderen te reizen, maar echt: het opstaan, zo héél héél vroeg in de ochtend, en dan met z’n allen in de auto gepropt zitten, wat eigenlijk niet past, maar het moet maar even, de laatste knuffels aan de katten, en dan slaperig op de weg kijken naar hoe de wereld wakker wordt. De verscheidenheid aan mensen op het vliegveld, met gekke of bijzondere kleding, de slapers op een bankje, de consternatie bij een plots oponthoud omdat een naam niet goed op een reisdocument staat (oeps), het samen oppassen op een koffer van een buitenlandse dame die gestrest nog even wat moet doen, het dan alsnog moeten rennen naar de gate om nog op tijd in het vliegtuig te kunnen gaan zitten. En daar dan het griezelige gevoel van opstijgen, de prachtige luchten en vergezichten, en oh, die zonsondergang aan de horizon, die de einder bloedrood kleurt, de rare kriebels in je buik en het harde slikken dat je moet doen bij het landen, in de hoop dat je oren open poppen en niet zo vervelend meer voelen en dan het enigszins gedesoriënteerd zijn bij het aankomen in een land waar het al laat in de avond is, terwijl je zelf nog vrolijk op rond-etenstijd-stand bent blijven hangen door het tijdsverschil.

Het is allemaal zó extra leuk als je het kan beleven door de ogen van kinderen. Ik had mijn camera meegenomen, maar heb geen foto geschoten en vooral rustigjes zitten genieten van die grote verwonderde ogen om me heen.

Maar goed, mocht vanochtend bij het ontwaken mijn lichaam het dus nog eigenlijk midden in de nacht vinden, de wereld buiten dacht daar geheel anders over. Want de vogels vlak naast het balkon kwetterden luid, en vol overgave, en de zon prikte plagend tussen de gordijnen door.

Er moest ontdekt worden, en bewonderd, en oh wat is er, alleen al op deze eerste dag, waarin we lichtjes brakjes nog in de buurt zijn gebleven, veel te bewonderen en ontdekken.

We wandelden tussen vele statige witgepleisterde huizen door, uitkomend bij het strand, waar de kinderen al proestend over golven sprongen, om uiteindelijk met kleding en al onder water te belanden. Er werd getennist, soms nog niet al te nauwkeurig, waardoor bijna een van de vele voorbij wandelende meneren in dishdasha werd geraakt, maar die kon er gelukkig vriendelijk om glimlachen.

Eenmaal terug deden we wat boodschappen, speelden spelletjes, genoten van de zoete warmte, en bouwden aan gingerbread huisjes. Maar dat is een verhaal op zichzelf dat misschien morgen wel volgt.

Want dan is het kerst. Kerst, samen in dit mooie Oman. Ik voel me wel een heel grote geluksvogel.

Geef een reactie